FAQ: taakdelegatie

20 vragen en antwoorden

1. Wat is taakdelegatie?

In de arbodienstverlening betekent taakdelegatie dat een bedrijfsarts bepaalde taken door andere professionals (meestal niet-artsen) kan laten uitvoeren.

Keuze en verantwoordelijkheid van de bedrijfsarts zélf
De bedrijfsarts draagt hierbij altijd zelf de eindverantwoordelijkheid. Taakdelegatie is daarom ook altijd een professionele, met kwaliteits- en zorgvuldigheidseisen omgeven keuze van de bedrijfsarts zélf. Ook is het een manier van (samen)werken die de bedrijfsarts steeds moet blijven evalueren, samen met de professionals aan wie hij taken delegeert.

NVAB is niet voor of tegen
Tot slot is taakdelegatie niet iets waar de NVAB bij voorbaat voor of tegen is. Wel stimuleren we bedrijfsartsen die deze methode (willen) toepassen om dit met de vereiste zorgvuldigheid te doen.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

2. Mag een bedrijfsarts onbeperkt taken delegeren?

Nee, zeker niet alle taken van de bedrijfsarts komen voor delegatie in aanmerking.

Diverse taken horen wettelijk bij de bedrijfsarts zélf
Zo moet de bedrijfsarts zelf toegankelijk blijven voor werknemers. Bij ziekte van een werknemer moet hij na persoonlijk contact met de zieke de feitelijke analyse voor een probleemanalyse maken. En bij een WIA-aanvraag moet hij een eindoordeel geven. Dit zijn taken die de wet expliciet bij hem neerlegt.

Waar delegeren wél kan, zijn er altijd voorwaarden
De gedelegeerde kan de bedrijfsarts bijvoorbeeld wel volgens afspraak helpen om informatie te verzamelen ten behoeve van de probleemanalyse. Soms kan de gedelegeerde daarbij eigen expertise inzetten. Dat kan de kwaliteit van het eindoordeel ten goede komen. Ook kan de bedrijfsarts door taakdelegatie mogelijk tijd vrijmaken om zich bezig te houden met taken die hij niet kan delegeren of beter zelf kan doen. Maar hij moet wel toetsen en bewaken of de taakdelegatie oplevert waar deze voor bedoeld is én voldoet aan de eisen van goede bedrijfsgezondheidszorg.

In Stap 1 van de Werkwijzer Taakdelegatie vindt u een overzicht van taken die een bedrijfsarts wel of juist niet mag delegeren. 

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

3. Is taakdelegatie voor- of nadelig voor opdrachtgevers?

Dat is niet op voorhand te zeggen. Taakdelegatie kán de kwaliteit van de bedrijfsgezondheidszorg ten goede komen, maar alleen onder bepaalde voorwaarden.

Dienstverlening afstemmen op situatie
Taakdelegatie kan de bedrijfsarts ruimte bieden om de dienstverlening beter af te stemmen op de situatie van de opdrachtgever. Bijvoorbeeld door de juiste professional de juiste zorg te laten verlenen. Ook kan de bedrijfsarts zelf bijvoorbeeld meer tijd overhouden om aandacht te besteden aan speciale en complexe problemen. En aan waardevolle taken naast verzuimbegeleiding, zoals preventie en advies. Op die manier kan taakdelegatie de bedrijfsgezondheidszorg doeltreffender en doelmatiger maken.

Niet ten koste van kwaliteit en zorgvuldigheid
Het is belangrijk dat een nieuwe manier van werken niet ten koste gaat van de kwaliteit en zorgvuldigheid van de dienstverlening. De bedrijfsarts moet er daarom op toezien dat de taakdelegatie zorgvuldig verloopt. Uit de wetgeving en jurisprudentie volgen vijf kernvoorwaarden om taakdelegatie toe te passen. Zo moet de bedrijfsarts de opdracht aan de gedelegeerde verlenen en diens bekwaamheid hebben beoordeeld. 

In de Inleiding van de Werkwijzer Taakdelegatie vindt u een overzicht met veelgenoemde kansen van taakdelegatie en de vijf kernvoorwaarden waar taakdelegatie aan moet voldoen.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

4. Met wie moet een bedrijfsarts plannen voor taakdelegatie afstemmen?

De bedrijfsarts hoort bij het plannen maken rekening te houden met alle betrokken partijen en met hen allemaal af te stemmen.

Alle betrokken partijen meenemen
De bedrijfsarts moet eerst zelf onderzoeken wat taakdelegatie op kan leveren voor de verschillende betrokkenen. Daaronder vallen de opdrachtgever, diens werknemers, de gedelegeerde, de bedrijfsarts zelf en eventueel diens werkgever. Vervolgens maakt de bedrijfsarts een voorstel en zorgt hij voor afstemming met al deze partijen. Het is belangrijk dat de bedrijfsarts doelen en afspraken zo concreet mogelijk vastlegt.

Huidige situatie analyseren en bespreken
De bedrijfsarts kan ook terechtkomen in een situatie waar al keuzes en afspraken over taakdelegatie gemaakt zijn. Dan moet hij deze situatie grondig in kaart brengen om na te gaan of de taakdelegatie zorgvuldig en verantwoord geregeld is. En of deze situatie aansluit bij de manier waarop de bedrijfsarts zelf wil werken. Ook knelpunten en vragen die hierbij naar voren komen moet de bedrijfsarts met alle betrokken partijen bespreken om hen te betrekken in zijn afweging of en op welke manier taakdelegatie zinvol is.

Initiatief van beide kanten
Andersom moeten werkgevers en arbodienstverleners de bedrijfsarts altijd betrekken bij keuzes en afspraken over taakdelegatie. Betrokken partijen kunnen ook altijd zelf initiatief nemen om mogelijkheden voor taakdelegatie aan de orde te stellen bij de bedrijfsarts.

In Stap 1 van de Werkwijzer Taakdelegatie vindt u een checklist voor bedrijfsartsen om kansen te verkennen, een leidraad voor het doorlichten van de huidige situatie en een gespreksleidraad om deze situatie te bespreken.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

5. Is deelname aan het Sociaal Medisch Overleg (SMO) delegeerbaar?

In het NVAB standpunt ‘Delegatie van taken door de bedrijfsarts en supervisie’ staat ‘Deelnemen aan het SMO’ in de tabel met al dan niet te delegeren taken opgenomen als een taak die de bedrijfsarts niet kan delegeren. Het binnen het SMO bespreken van de gehele sociaal medische begeleiding is voorbehouden aan de bedrijfsarts en kan niet gelegeerd worden.

Andere functionarissen, bijvoorbeeld casemanagers, kunnen wel op eigen titel deelnemen aan het SMO, zolang zij binnen de eigen bevoegdheden blijven. Dat valt niet onder taakdelegatie.

Lees meer

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

6. Wie moet de werknemers informeren over taakdelegatie?

De bedrijfsarts is verantwoordelijk voor het informeren van werknemers. Werkgevers en gedelegeerde hebben hier ieder ook een eigen verantwoordelijkheid in.

Bedrijfsarts maakt afspraken
De bedrijfsarts moet met de betrokken partijen (gedelegeerde, werkgevers, arbodienst) afspreken hoe de werknemers worden geïnformeerd over de taakdelegatie. Dit kan via verschillende informatiekanalen vanuit de werkgever, de gedelegeerde of de bedrijfsarts zelf. Denk bijvoorbeeld aan een brochure, een intranetpagina of contactmomenten tussen gedelegeerde en werknemers. De gedelegeerde moet ten minste bij ieder eerste contact met een werknemer nagaan of die duidelijk geïnformeerd is en anders alsnog de nodige informatie geven.

Bedrijfsarts altijd toegankelijk voor werknemers
Werknemers moeten op hoofdlijnen weten wat taakdelegatie inhoudt, welke taken door de bedrijfsarts zijn gedelegeerd en aan wie. Belangrijk is verder dat werknemers weten dat de bedrijfsarts eindverantwoordelijk blijft en dat zij altijd de mogelijkheid houden om hem persoonlijk te consulteren.

In Stap 3 van de Werkwijzer Taakdelegatie vindt u een overzicht van de informatie die werknemers minimaal moeten krijgen en een lijstje met mogelijkheden om die informatie te verstrekken.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

7. Is voor taakdelegatie instemming nodig van de OR of PVT?

Ja, als er een ondernemingsraad (OR) of personeelsvertegenwoordiging (PVT) aanwezig is bij de werkgever die de bedrijfsarts heeft gecontracteerd, mag taakdelegatie alleen plaatsvinden met instemming van dit orgaan.

Bedrijfsarts controleert instemming en overlegmogelijkheden
De bedrijfsarts moet nagaan of de OR of PVT heeft ingestemd met taakdelegatie. Ook is het verstandig om in het basiscontract van werkgever en arbodienstverlener/bedrijfsarts te controleren welke mogelijkheden de bedrijfsarts heeft om te overleggen en samen te werken met de OR of PVT. Het contract hoort hier hoe dan ook ruimte voor te bieden.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

8. Is het verstandig om de taakdelegatie te evalueren?

Ja, het is de bedoeling dat de bedrijfsarts het werken met taakdelegatie regelmatig evalueert met het oog op voortdurende kwaliteitsverbetering.

Beoordeling en verbeterpunten
Evaluatie is noodzakelijk en verstandig om vast te stellen of de taakdelegatie inderdaad bijdraagt aan de vastgestelde doelen. En om na te gaan op welke punten nog verbetering mogelijk is. Het is raadzaam om te evalueren met alle betrokken partijen: opdrachtgever, werknemers, OR/PVT, gedelegeerden en eventueel de werkgever van de bedrijfsarts.

Afspraken en opvolging
De bedrijfsarts hoort van tevoren met alle partijen af te spreken hoe vaak een evaluatie plaatsvindt en welke onderwerpen erbij aan bod komen. Op basis van de uitkomsten moet de bedrijfsarts de afspraken aanpassen, bijvoorbeeld in de opdrachtverstrekking of de bekwaamheidsbeoordeling. Zo werkt de bedrijfsarts continu aan kwaliteitsverbetering van de taakdelegatie.

In Stap 5 van de Werkwijzer Taakdelegatie vindt u een overzicht van relevante onderwerpen voor de evaluatie.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

9. Waar kunnen werkgever en werknemer terecht met klachten over bedrijfsarts of gedelegeerde?

Bij klachten kunnen werkgever en werknemer in elk geval altijd terecht bij de bedrijfsarts. Hij is immers eindverantwoordelijk. Eventueel zijn diverse vervolgstappen mogelijk. 

De bedrijfsarts is verantwoordelijk
De bedrijfsarts moet toezicht houden op de kwaliteit en uitvoering van de gedelegeerde taken. Het is bijvoorbeeld belangrijk dat een gedelegeerde geen taken uitvoert die niet gedelegeerd mogen worden of die buiten zijn deskundigheid liggen. En dat de gedelegeerde zich houdt aan de regels rond geheimhouding en privacy. Werknemers of werkgevers kunnen met klachten over de gedelegeerde dan ook altijd terecht bij de bedrijfsarts. Ook de gedelegeerde moet de bedrijfsarts om hulp kunnen vragen bij conflicten met werkgever of werknemer.

Klachten over bedrijfsarts
Ook voor problemen met de bedrijfsarts is deze zelf de aangewezen persoon om mee in gesprek te gaan. Komen de partijen er samen niet uit, dan kan een werkgever of werknemer een klacht indienen conform het klachtreglement van de arbodienst, de betreffende bedrijfsarts of de organisatie waar de arts werkt. Afhankelijk van de aard van de klachten zijn eventueel diverse vervolgstappen mogelijk, onder andere bij de Geschillencommissie Arbodienstverlening of een Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg.

Meer informatie vindt u in de specifieke FAQ over klachtenregelingen voor bedrijfsartsen.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

10. Wie moet vaststellen of gedelegeerden voldoende bekwaam zijn voor hun taak?

Zowel de bedrijfsarts als de beoogde gedelegeerde moet nog voor het aangaan van de overeenkomst voor taakdelegatie beoordelen of de gedelegeerde voldoende bekwaam is voor de betreffende taak.

Beoordeling door beide partijen
Het is heel belangrijk dat de gedelegeerde aantoonbaar bekwaam is. Daarom moet zowel de bedrijfsarts als de gedelegeerde zelf deze bekwaamheid beoordelen. Deze stap is extra belangrijk omdat er de laatste jaren veel functies en disciplines bijgekomen zijn waar een bedrijfsarts taken aan kan delegeren. Bovendien zijn de gebruikte functiebenamingen niet altijd eenduidig en zeggen ze soms niets over de specifieke bekwaamheid. 

Beschikbaar kwaliteitssysteem gebruiken
Bij de beoordeling kunnen de bedrijfsarts en de beoogde gedelegeerde gebruikmaken van de kwaliteitssystemen van de eigen werkgever of arbodienst. Vooral grotere arbodiensten beschikken vaak over een goed systeem om bekwaamheid te beoordelen. Bij aanwezigheid van zo'n systeem mag de bedrijfsarts daar uiteraard op vertrouwen: hij hoeft niet alles zelf nog eens over te doen.

Onderwerpen van de beoordeling
Bij beoordeling van de bekwaamheid gaat het niet alleen om de huidige functie van de betreffende persoon. Er moet bijvoorbeeld ook worden gekeken naar opleiding, bevoegdheden, werkervaring, denkniveau en communicatieve vaardigheden. De gedelegeerde moet zijn bekwaamheden altijd kunnen aantonen. Verder moeten bedrijfsarts en gedelegeerde beoordelen of er een goede basis is voor succesvolle samenwerking. Beide beoordelingen kunnen plaatsvinden in een gesprek. 

Stap 2 van de Werkwijzer Taakdelegatie biedt meer informatie over het beoordelen van bekwaamheid. Daar vindt u onder andere een voorbeeld van een beoordelingskader en checklists om bekwaamheid aan te tonen en de samenwerkingsbasis te beoordelen.  

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

11. Hoe is bij taakdelegatie de privacy van werknemers gewaarborgd?

De bedrijfsarts moet privacyregels afspreken en erop toezien dat de gedelegeerde deze nakomt.

Bedrijfsarts bepaalt regels en houdt toezicht
Bij het verstrekken van de opdracht aan de gelegeerde moet de bedrijfsarts afspraken maken over de regels die daarbij gelden. Beroepsgeheim en privacy zijn daar een belangrijk onderdeel van. Vervolgens moet de bedrijfsarts er daadwerkelijk op toezien dat de gedelegeerde zich aan deze regels houdt.

Voorlichting is verplicht
De bedrijfsarts hoort werknemers voorafgaand aan de taakdelegatie ook te laten weten dat de gedelegeerde een geheimhoudingsplicht heeft, en dat deze geen medische of vertrouwelijke gegevens met de werkgever deelt. De gedelegeerde mag sommige andere gegevens wel met de werkgever delen, zoals ook de bedrijfsarts dat mag.

Eigen of afgeleid beroepsgeheim
De bedrijfsarts moet ook duidelijk maken of een gedelegeerde onder het afgeleide medische beroepsgeheim werkt. Een gedelegeerde mag medische gegevens verzamelen voor zover die van belang zijn voor de taak die hij met de bedrijfsarts is overeengekomen. Is hij een niet-medicus, dan heeft hij hierbij een afgeleid beroepsgeheim. Soms is er ook nog een eigen beroepsgeheim, bijvoorbeeld bij arboverpleegkundigen. De gedelegeerde mag nooit meer of andere informatie delen met de werkgever dan de bedrijfsarts.

Meer informatie over dit onderwerp is te vinden in de specifieke FAQ over privacy en gegevensbescherming. Vraag 5 gaat daarbij in op de uitwisseling van gegevens tussen leden van een behandelteam, zoals bedrijfsarts en gedelegeerde.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

12. Houdt een werknemer altijd het recht om de bedrijfsarts persoonlijk te consulteren?

Ja, de bedrijfsarts blijft eindverantwoordelijk. Daarom moeten medewerkers altijd de mogelijkheid hebben om hem persoonlijk te consulteren. De bedrijfsarts moet zorgen dat zij hiervan op de hoogte zijn.

Voorlichting verplicht
De bedrijfsarts kan deze voorlichting zelf geven, maar mag bijvoorbeeld ook met de werkgever en met de gedelegeerde(n) afspreken dat zij hierin een praktische rol spelen. Daarnaast moeten gedelegeerden zelf hoe dan ook - op zijn minst bij het eerste contact - nagaan of een werknemer op de hoogte is en waar nodig voorlichting geven.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

13. Mag een bedrijfsarts taken delegeren aan personen die bij zijn opdrachtgever in loondienst zijn?

Dit mag, maar is over het algemeen niet aan te raden. Deze manier van werken vereist extra kwaliteitsborging.

Risico voor onafhankelijke zorgverlening vereist kwaliteitsborging
Het delegeren van taken aan personen die in loondienst zijn bij de opdrachtgever van de bedrijfsarts (=de werkgever die de dienstverlening van de bedrijfsarts afneemt voor zijn werknemers) vormt een risico voor onafhankelijke zorgverlening. Deze manier van werken verdient dan ook niet de voorkeur. Mocht dit toch gebeuren, dan is een goede kwaliteitsborging vereist, bijvoorbeeld via een interne arbodienst. De borging moet in elk geval regelen dat de gedelegeerde geen taken op het gebied van verzuim en preventie mag doen voor de werkgever. En dat de gedelegeerde over deze taken inhoudelijk geen verantwoording aflegt aan de werkgever, maar aan de bedrijfsarts. 

Huidige rol dienstverleners nagaan
Bij het in kaart brengen van een bestaande situatie moet de bedrijfsarts goed nagaan of de dienstverleners op het gebied van preventie en verzuimbegeleiding hun taken uitvoeren vanuit de rol en verantwoordelijkheid van de bedrijfsarts of die van de werkgever. 

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

14. Moet uit ondertekening stukken blijken dat er sprake is van supervisie?

Bij communicatie naar derden (zoals brieven, Poortwachter-documenten1 en e-mails) moet uit de ondertekening duidelijk blijken dat er sprake is van supervisie.2 Dit blijft nodig totdat de aios zijn opleiding heeft afgerond en geregistreerd staat als bedrijfsarts. Voor een anios is dat een blijvende noodzaak. In de praktijk ieder document contrasigneren is niet nodig. Met contrasigneren bedoelen we dat het document geautoriseerd is door de supervisor en deze de inhoud kent en onderschrijft.3 Dit kan door bij ondertekening de mededeling toe te voegen: ‘geautoriseerd door supervisor’2. De a(n)ios legt zijn advies vóór verzending voor aan de praktijkopleider (aios) resp. supervisor (anios) totdat hij bekwaam is bevonden om de betreffende documenten zelfstandig op te stellen. Daarna behoeven de documenten geen autorisatie meer. 

Ook als een a(n)ios een voldoende bekwaamheidsniveau heeft kan het voorkomen dat hij over zijn advies toch wil overleggen met zijn praktijkopleider/supervisor. In deze gevallen verdient het aanbeveling en volstaat het dat van dit overleg een aantekening gemaakt wordt in het betreffende dossier, zodat duidelijk is dat het advies akkoord is bevonden.

Lees meer in het standpunt


probleemanalyse, actuele oordeel, inzetbaarheidsprofiel, etc

2 Bij voorkeur wordt hierbij ook de naam (en het BIG-nummer) van de supervisor vermeld

3 Brief aios niet klakkeloos ondertekenen (Uit: Medisch Contact)

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

15. Wat houdt een overeenkomst taakdelegatie in?

Wanneer de bedrijfsarts besluit een deel van zijn taken door een ander te laten uitvoeren bespreekt hij dit met de beoogde taakgedelegeerde. Indien beiden tot overeenstemming komen stelt de bedrijfsarts een overeenkomst taakdelegatie op.
In de overeenkomst taakdelegatie, die tot stand komt tussen de bedrijfsarts en de taakgedelegeerde, is minimaal vastgelegd:

  • aan wie de bedrijfsarts welke taken delegeert  
  • een overzicht van de relevante bekwaamheden en de bijbehorende vaardigheden van de taakgedelegeerde
  • de frequentie van overleg met elkaar
  • hoe het toezicht en de bereikbaarheid van de bedrijfsarts is geregeld
  • duur van de overeenkomst
  • scholingsaspecten

De genoemde items vormen geen uitputtende lijst. Zie het standpunt Taakdelegatie en Supervisie par. 1.3 juridische voorwaarden en par. 1.6  kwaliteitsaspecten. Hier zijn alle items te vinden die geregeld dienen te worden. Ook in de werkwijzer is informatie te vinden die kan helpen een goede overeenkomst taakdelegatie op te stellen.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

16. Wat is het verschil met taakherschikking?

Bij taakdelegatie draagt de bedrijfsarts een taak over zonder de bijbehorende verantwoordelijkheid over te dragen. Die blijft bij de bedrijfsarts. Herschikken van taken is overdracht van bevoegdheden inclusief de bijbehorende verantwoordelijkheid. Behalve de bevoegdheid gaat ook de verantwoordelijkheid voor de betreffende taak naar de uitvoerder.

Herschikken van taken is in de bedrijfsgezondheidszorg niet mogelijk. In de arbeidsomstandighedenwet is namelijk vastgelegd dat de bedrijfsarts de enige is die bevoegdheid bezit met betrekking tot: verzuimbegeleiding, aanstellingskeuring, Periodiek Arbeidsgezondheidskundig Onderzoek (PAGO) en open arbeidsomstandighedenspreekuur.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

17. Welke taken kan de bedrijfsarts delegeren en aan wie?

De bedrijfsarts delegeert uitsluitend die handelingen aan de taakgedelegeerde, waartoe hij de taakgedelegeerde bekwaam acht. Een bepaalde registratie m.b.t. bevoegdheid (bijv. BIG-registratie) is daarbij niet van belang. De bedrijfsarts moet actief toetsen hoe het staat met de bekwaamheid van degene aan wie hij taken delegeert. De bedrijfsarts kan de bekwaamheid van taakgedelegeerde onder meer toetsen aan de hand van de gevolgde scholing, behaalde certificaten en relevante werkervaring. Denk daarbij aan scholing inzake de Wet verbetering poortwachter en ziekteverzuimbegeleiding of werkervaring in de zorg (bv. verpleegkundige bij orthopedie, doktersassistente). Ook kan de bedrijfsarts zich vergewissen van de vaardigheden door mee te kijken met het werk van de taakgedelegeerde.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

18. Mag de bedrijfsarts het vaststellen van de belastbaarheid overlaten aan een taakgedelegeerde?

De bedrijfsarts mag het vaststellen van de belastbaarheid van een werknemer niet overlaten aan een taakgedelegeerde. De bedrijfsarts stelt de beperkingen en mogelijkheden en daarmee de belastbaarheid van de werknemer vast, niet de taakgedelegeerde.  De belastbaarheid vaststellen is juist de specifieke deskundigheid van de bedrijfsarts. Het is van belang dat bedrijfsarts en taakgedelegeerde zich bewust zijn van de rechtsgevolgen:

  • Aan het formele vaststellen van de belastbaarheid door de bedrijfsarts kunnen partijen rechten ontlenen.
  • Een advies/afspraak/uitkomst van een gesprek tussen taakgedelegeerde en werknemer heeft niet direct rechtsgevolgen die voor rekening van  taakgedelegeerde komen. Die werkt immers onder verantwoordelijkheid van de bedrijfsarts. De rechtsgevolgen komen dan ook voor rekening van de bedrijfsarts. 

Juist om de hier genoemde redenen is het in het belang van de bedrijfsarts, maar ook van taakgedelegeerde, dat de bedrijfsarts de belastbaarheid vaststelt. En voor de bedrijfsarts zelf  te bewaken dat hij dat kan doen en doet.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

19. Welke adviezen over mogelijkheden kan de taakgedelegeerde geven?

Indien het past binnen de gedelegeerde taken, mag en kan de taakgedelegeerde wel in gesprek gaan met de werknemer over de mogelijkheden die de werknemer heeft of denkt te hebben. Hierbij betrekken zij -indien aanwezig- de reeds door de bedrijfsarts vastgestelde belastbaarheid en gegeven adviezen inzake de re-integratie. Samen komen zij tot afspraken hoe de re-integratie te starten of te vervolgen. De taakgedelegeerde neemt deze afspraken op in het advies aan werkgever en werknemer. Dit gebeurt onder de verantwoordelijkheid van de bedrijfsarts en de taakgedelegeerde moet daarbij binnen de bekwaamheden blijven, zoals deze door de bedrijfsarts zijn vastgesteld in de taakdelegatie-overeenkomst.

De taakgedelegeerde stelt dus niet zelfstandig de belastbaarheid vast. Dat is aan de bedrijfsarts, vandaar dat de probleemanalyse, het inzetbaarheidsprofiel en het actueel oordeel altijd door de bedrijfsarts moet worden gemaakt. Taakgedelegeerden kunnen wel een voorstel doen hoe de probleemanalyse kan worden ingevuld, mits zij daarbij binnen hun bekwaamheden blijven. De bedrijfsarts stelt zelf de belastbaarheid vast, en de werknemer in kwestie moet dan ook door de bedrijfsarts medisch beoordeeld zijn, via een telefonisch, een fysiek of een video-consult.  

En altijd geldt dat de werknemer op zijn verzoek toegang tot de bedrijfsarts heeft. De taakgedelegeerde verwijst de werknemer ook naar de bedrijfsarts als het re-integratieplan niet kan worden gevolgd of als werknemer en taakgedelegeerde niet tot afspraken kunnen komen bv. in de eerste 6 weken.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina

20. Kan de werknemer ook een klacht indienen tegen taakgedelegeerde of deze ook tuchtrechtelijk aanklagen?

Ja, de werknemer kan tegen taakgedelegeerde en bedrijfsarts een klacht indienen. Daarvoor heeft hij diverse mogelijkheden. De  meest voor de hand liggende zijn:

  • Een klacht bespreken met de bedrijfsarts en de taakgedelegeerde zelf
  • Een klacht indienen conform de eigen procedure van de bedrijfsarts (bij arbodienst of klachtencommissie waar de bedrijfsarts bij is aangesloten)
  • Een tuchtklacht indienen. Als een taakgedelegeerde een BIG-registratie heeft kan hij ook zelf voor het tuchtcollege gedaagd worden

Het is in het belang van zowel bedrijfsarts als taakgedelegeerde dat zij taakdelegatie goed regelen en beiden toezien op het op de juiste wijze nakomen van die overeenkomst.

« Terug naar index | « Terug naar themapagina